Membraanfiltratie is een proces waarbij stoffen uit het water worden gehaald door middel van scheiding op basis van deeltjesgrootte en drukverschil.

Door het toepassen van een membraan (semipermeabel materiaal) met een specifieke poriegrootte kan de gewenste scheiding worden verkregen.

We onderscheiden de volgende membraanfiltraties

  • Microfiltratie (MF): poriegroote van 10 micrometer tot 0.1 mµ (benodige druk 0.1 – 2.5 bar) – verwijdert alleen onopgeloste deeltjes;
  • Ultrafiltratie (UF) : poriegrootte van 0.1 tot 0.01 mµ(benodige druk 0.5 – 2.5 bar) – verwijdert zowel onopgeloste deeltjes als hoog moleculaire stoffen;
  • Nanofiltratie (NF): poriegrootte < 0.01-0.001 mµ (benodigde druk 5 – 15 bar) – verwijdert microverontreinigingen en meer-waardige ionen (opgeloste stoffen);
  • Reverse osmose / omgekeerde osmose (reverse osmose RO, hyperfiltratie): < 0.001µm: we spreken hier eigenlijk niet meer van poriegrootte (benodigde druk 10 – 70 bar) – verwijdert microverontreinigingen en zowel meerwaardige als enkelvoudige ionen (opgeloste zouten). Echter gassen en laag moleculaire stoffen kunnen hier nog (deels) door heen gaan.

 
Membraanfiltratie wordt zowel toegepast in de behandeling van grondwater, afvalwater, proceswater, drinkwater als ook oppervlaktewater. Enkele aspecten die van belang zijn bij het ontwerp en het optimaal kunnen bedrijven van een membraanfiltratie installatie, zijn:

  • Juiste keuze membranen in relatie tot kwaliteit van de bron en gewenste eindkwaliteit (garantie);
  • Aandacht voor een mogelijk noodzakelijke voor- en nabehandeling;
  • Reinigingsmethodiek membranen (spoelfrequentie, chemicaliën,etc.);
  • Toepassen chemicaliëndosering ter voorkoming van (bio)fouling, scaling, etc.

 

Bijgaand overzicht geeft een vergelijking van membraan technieken